Another day at the back-office.
| Flip de Reede | Flip

Of ik ‘mijn content even in het back-end kan invoeren’, vraagt onze pixelprofeet. Gewoon om te proberen, want mijn injector staat volgens hem wel te pompen maar er komt even niks uit. Dat is geen leeftijdsdingetje of kwaal en ook geen oneerbaar voorstel van onze onmisbare ICT-steunbeer. Het is de normale manier van communiceren met de techafdeling van DVK te Soest. Liefst gaat dat via een pop-upwindow dat altijd klaarstaat om op ongelegen momenten vanuit het niets in beeld te springen. Het gevaar schuilt de laatste tijd vooral rechtsonder, zo heb ik gemerkt.
Van de kilobytemaster mocht ik even mijn JavaScript-plug-in deleten, uitloggen, Firefox opnieuw installeren, mijn laptop uit het raam gooien en dan via Teambuilder mijn schermgeheimen met hem delen want hij verdenkt mij ervan via mijn gammele hardware een deurtje te hebben opengezet naar mijn hoekje van zijn digitale knollentuin. Dat betreft slechts twee vierkante meter van het hele Vondelpark dat DVK tegenwoordig online heeft staan, maar het zijn wel gevaarlijke vierkante meters achter de brandmuur en in mijn digibetenvingers in een wereld in oorlog dus lévensgevaarlijk.
Deurtjes openzetten mag niet, want dat geeft insluipers en tocht. Dan komen de Russen ons Vondelpark verbouwen. Of de Chinezen. Ze zetten onze nullen en enen door elkaar en de kans dat dat iets goeds oplevert is nihil. Zelfs op ons toch zo open en vrijzinnige platform zijn sneaky indringers ongewenst. Digitale agressoren proberen er onze verkiezingen te manipuleren of ons keihard af te persen, zo beweert onze chef-tech en Lord-of-the-Links. Voor we het weten zijn onze krachtige processoren (en het fossiel in mijn laptop) onderdeel van een netbot en knagen wij mee aan de poten van het levende weefgetouw dat internet heet. En dat willen we niet. Daarom koesteren wij bij DVK onze digitale alleskunner, onze HTML-fluisteraar in zijn Iron Maiden-t-shirt met pizzavlek, die graag vanuit zijn gaming-chair de wereld dirigeert. Met de sociale finesse van een aardappel.

De bugmaster-pro (toestelnummer 404) heeft mij intussen wel gereedschappen verstrekt die aantoonbaar niet deugen. In zijn woorden: hij had een beetje wrakke deploy geïmplementeerd op ons productiesysteem (een live-omgeving die toch al niet helemaal één-punt-nul was). Die bijna één-punt-nul zou in de CI/CD-pijplijn van het softwaredevelopmentproces vanzelf worden ontwormd, maar de geïntegreerde automatische debugging loopt soms wat stroefjes. Bijvoorbeeld als het webbeest bij de haastige implementatie nog geen Red Bull heeft gehad, als het nog voor het middaguur is of als hij zich meent te moeten wijden aan zijn verfijnde humor, die inderdaad soms best ver gaat. Het verhaal gaat rond dat hij ooit ontslagen is omdat hij een string-variabele diep in de code ‘De dikke zeug van PZ’ had genoemd. Hij had er een scriptje aan vastgeknoopt dat onder bepaalde condities bij iedere toetsaanslag van het slachtoffer een knorgeluid liet horen uit alle netwerkterminals in haar omgeving. Behalve dat hij het zelf erg leuk vond, dwong het alleen respect af bij zijn ICT-collega’s.
Daar gaat het om. De geheel eigen humor van de tech-nerd. Nerds houden van efficiëntie. In plaats van ingewikkelde sociale interacties heb je in Nerdistan genoeg aan één snelle, vaak ongepaste grap die meteen duidelijk maakt: wij zitten op dezelfde golflengte, of we gaan hier allebei heel ongemakkelijk zwijgen. Het is binaire communicatie. 0 of 1. Lachen of stilvallen. Begrijpen of niet. Wie stilvalt verliest. Onze cache-cowboy en webartist, die ik natuurlijk geen nerd mag noemen omdat dat niet aardig is en voorbijgaat aan alle goede bedoelingen waarmee hij zijn nooit eindigende werkdagen vult, is helemaal top. Hij heeft alleen een ruw kantje en ontbeert collega’s waarmee direct kan worden ge-interacteerd.

Zet je wat digitale bodemdieren bij elkaar dan regelt het zichzelf. Er ontstaat spontaan een muf sociaal moeras van dubbelzinnige ongein. De ene vunze grap riekt nog sterker dan de andere. Digitale bodemdieren zijn fijnproevers die hun humor al praktiserend verfijnen, een zelfbestendigend mechanisme leidt tot afgemeten hyper-efficiënte communicatie. De incrowd is trots op hun ultiem verfijnde humor, die heel anders is dan het ‘trek-eens-aan-mijn-vinger’ genre dat in zekere andere maatschappelijke segmenten de boventoon voert. Het is alleen zaak dat je de betreffende afdeling niet blootstelt aan klanten of klanten niet aan hen. Vraag af en toe of ze nog iets anders behoeven dan pizza of een snellere laptop, dan merk je vanzelf of ze mentaal nog een beetje acceptabel in hun vel steken. Onderdruk bij uzelf de neiging om door te dringen tot de diepste drijfveren van de datadruïden. Het is niet voor niets het back-office.
Nou zit mijn risicoknollentuin al helemaal vol met regenwormen die bol staan van de PFAS, jongeren die elkaar naar de vaantjes jumpen en bejaarden die mij in mijn spaarzame vrije minuten als vaste mantelzorger claimen en zo meewerken aan een enorme burnout; een paasvuur van louter veiligheidsconiferen, dus onze webmaster mag zich om zijn eigen back-end en back-office bekommeren, zonder input van mijn kant.
Ik worstel voort met de gewone injector met alle bugs en kinderziekten die al tien jaar niemand in de weg zitten en waar ik inmiddels uitstekend mee uit de voeten kan. Windows 11 was voor mij al een bijna onneembare horde, maar ik heb haar genomen. Of hem, want ik heb het geslacht van horde niet paraat. Dat de horde in tegenstelling tot ondergetekende het geslacht wél paraat heeft is een fijn inkoppertje waar onze webmeester graag mee zou scoren, ware het niet dat hij wat slechte grappen betreft momenteel in minder tolerant gezelschap verkeert. Als de wereld nog verder digitaliseert en DVK nog een klein beetje stijgt in de ratings is er vást zicht op gezelschap.
Zalig Pasen (vorige keer was ik wat te vroeg).
Agenda
Vacatures
Process Safety Engineer (full-time)
Adviseur veiligheid en gezondheid
Arbo & Preventie Coördinator