Gelukkig Nieuwjaar
| Flip de Reede | Flip
(al is geluk van geen betekenis)

2025 was een rommelig jaar. Op onze redactie welteverstaan. En 2026 begint al net zo veelbelovend. Janneke is op zes januari eindelijk de kerstboom op onze binnenplaats aan het optuigen, Speetjens BSc MSc heeft zich – met voorzienbaar gevolg – overschranst aan de kerstknabbels uit het magnetronsnackbuffet en ik heb zojuist per abuis mijn klompen opgebrand bij het aanmaken van het oudjaarsvreugdevuur.
Dientengevolge is het wat stil van onze kant. Ieder zit vast in zijn eigen mentale, digitale of gastro-enterologische wurgsteek. Wij komen nergens (de deur niet uit vanwege ijsplakkaten en ook nergens aan toe wegens agenda-wanbeheer), maar blijven vanzelfsprekend alert op veiligheidsverschijnselen. Feestdagen of niet.
Zo schijnt er eensklaps een overschot aan jonge bedrijfsartsen in opleiding te zijn ontstaan nadat een slim recruitmentbureau had bedacht dat de arbeidsomstandigheden in de aanpalende subdisciplines – zeg maar de hele zorgsector – alle perken te buiten gingen. Daar moest eigenlijk een DVK-nieuwsbericht tegenaan, maar Janneke was net zeshonderdveertig niet-CE-gecertificeerde AliExpress-lichtjes in de knoop aan het werken, Speetjens zijn darmstelsel, en ik was nog steeds op zoek naar ander schoeisel. Met één badslipper met bloedsomloopstimulerende massagezool als voorlopig resultaat.
Gelukkig ben ik op sokken bijna net zo scherp, mits Oeps en Nearmiss zich aan het kattenbakprotocol houden. Kattenbakkorrels op projectlaminaat vormen namelijk een onderschatte uitglijbron.
Het sectoraal zorgleed werd door het reclamebureau samengevat in enkele opvallend trefzekere wervingsteksten:
‘Arts gevraagd, gegarandeerd geen nachtdienst.’
‘Geen stress. Geen heldendom. Wel slaap.’
GenZ blijkt zeer te porren om arts te worden en tegelijk mens te blijven – liefst onmiddellijk. Driedaagse werkweken gevuld met vijfminutenconsulten tegen aanlokkelijke tarieven: de lazy girl job met vorstelijk toekomstperspectief, aanzien en maatschappelijke impact. Inclusief dertiende maand en representatieve dienstauto, te verwerven zonder blootstelling aan kalknagels of aambeien.
Kleine kanttekening: de esculaap op de voorruit garandeert geen laadpaalplek meer, en er moet nog steeds eerst een aantal jaren worden doorgestudeerd voordat er überhaupt esculapen rondgestickerd kunnen worden. Met een driedaagse werkweek als einddoel en enkele welverdiende sabbaticals beslaat de opleiding al snel een decennium – een termijn die zelfs door helderzienden moeilijk te overzien valt. Laat staan door GenZ, die zich twee seconden na het plaatsen van een selfie-video al afvraagt waarom werkgevers niet massaal op de hire-me-now-knop drukken en klappende handjes terugsturen.
Maar eerst: gelukkig 2026.*
* Geluk is volgens veiligheidskundigen geen strategie. Sterker: geluk is van geen enkele professionele betekenis.
Het begrip ‘geluk’ maakt geen deel uit van serieuze risicoanalyses en is in arbocatalogi vrijwel uitsluitend terug te vinden in die van de kansspelsector, doorgaans in het kader van agressie- en geweldspreventie. Geluk, agressie en geweld blijken namelijk sterk verwant; zie de gemiddelde oud-en-nieuwviering of het voorbeeldgedrag van bezoekers van voetbalwedstrijden.
In de arbocatalogi van kermis en casino gaat het om de mentale en fysieke blootstelling van professionals aan de hum van derden – niet zijnde werkgever of werknemer – die hun geluk of ongeluk niet op kunnen. Geluk hoort bij het spel, niet bij het werk.
Geluk wordt door velen gezien als het hoogste, niet in de betekenis van mazzel, maar als ultieme emotie. Daarmee plaatst de veiligheidskundige zich automatisch naast – en enigszins buiten – de maatschappij. Geluk laat zich immers niet beheersen, niet calculeren en niet meten (behalve in casino’s en loterijen, waar het wordt uitgedrukt in fiches respectievelijk euro’s).
Voor de wetenschappelijk ingestelde arboconifeer is geluk dan ook terra incognita. Ten onrechte, want toevalsgebonden geluk is een stochastische variabele met invloed op alles. Het is een omgevingsfactor: niet-planbaar, niet-reproduceerbaar en niet-aanspreekbaar. Geluk is niet afdwingbaar – al doet Nearmiss haar uiterste best – en slechts beperkt te beheersen via het gebed. En daar wordt het ongemakkelijk, want als er iets van God los is, dan is het wel de arboconifeer. Althans, dat beweert hij zelf. Tot hij door de bliksem wordt getroffen, of door de kerstverlichting van AliExpress.
De veiligheidskundige met enig respect voor het fatum – doorgaans een mens van het prettige soort – scoort aantoonbaar beter. Hij of zij loopt niet op vrijdag de dertiende onder een ladder door, klopt af tijdens de LMRA en wijst nimmer met de vinger, want dan groeit die boven het graf. Voldoende godvrezendheid is niet alleen weldenkend, maar bevordert toewijding, beheersing en respect. En het helpt bij de ontwikkeling van een extra zintuig.
Het noodlot niet tarten is simpelweg verstandig. Blijf thuis bij code oranje. Zet de elektro-auto bij gladheid van B in D (minder regeneratie, meer koersvastheid). En wapper de sneeuw van de ledlampen, want wegsmelten doet het niet.
En onthoud: wie op geluk vertrouwt, loopt vroeg of laat op sokken door de kattenbak. Dat geeft niks en het ligt niet aan u. Nogmaals: gelukkig Nieuwjaar.
Flip
(namens de gehele redactie van De Veiligheidskundige)
Agenda
Vacatures
Process Safety Engineer (full-time)
Adviseur veiligheid en gezondheid
Arbo & Preventie Coördinator