Scherpere planning en risicobeheersing
De aangekondigde ‘Wet meer zekerheid flexwerkers’ verandert de manier waarop organisaties flexibele arbeid kunnen inzetten. Voor veiligheidskundigen betekent dit dat personeelsplanning, roosterzekerheid en de beschikbaarheid van gekwalificeerd personeel nadrukkelijker onderdeel worden van de veiligheidsbeheersing.
Naar verwachting treedt de wet op 1 januari 2028 in werking. Nulurencontracten en min-maxcontracten verdwijnen grotendeels en maken plaats voor het zogenoemde bandbreedtecontract. Daarbij krijgen werknemers een gegarandeerd minimumaantal uren en wordt de maximale inzet beperkt. Het verschil tussen beide mag maximaal 130 procent van de minimale arbeidsomvang bedragen.
De nieuwe regels moeten werknemers meer zekerheid geven, maar vragen organisaties om hun personeelsinzet beter te organiseren. Voor de veiligheidspraktijk kan dit gevolgen hebben voor onder meer BHV-bezetting, toezicht, werkvergunningen, opleidingen en de inzet van medewerkers bij risicovolle werkzaamheden. Functies die nu sterk afhankelijk zijn van oproepkrachten moeten opnieuw worden beoordeeld op continuïteit en beschikbaarheid.
Oproepcontracten blijven alleen onder voorwaarden mogelijk, bijvoorbeeld voor jongeren, scholieren en studenten met een bijbaan en AOW-gerechtigden die doorwerken. Voor deze groepen geldt een beperkte inzet.
Hoewel de wet pas over enkele jaren wordt verwacht, is het verstandig nu al de gevolgen in kaart te brengen. Organisaties doen er goed aan te beoordelen welke veiligheidskritische functies afhankelijk zijn van flexibele inzet en of de toekomstige contractvormen voldoende ruimte bieden voor een veilige bedrijfsvoering. De veiligheidskundige kan hierin een belangrijke rol spelen door de personeelsplanning te verbinden aan de eisen voor veilig en verantwoord werken.
Bronnen: Flexmarkt.nl, Rijksoverheid en Overheid.nl
Agenda
Vacatures
Process Safety Engineer (full-time)
Preventiemedewerker
HSE Officer